Een spiegeltelescoop maakt gebruik van een spiegel in plaats van lenzen. Hierdoor is de tube ook veel korter dan die van een refractor (lenzentelescoop), waarbij lenzen achter elkaar geplaatst zijn. Telescopen die ontworpen zijn voor gevorderde en professionele astronomen, zijn doorgaans spiegeltelescopen.

Voordelen van een spiegeltelescoop

Een spiegel heeft geen last van chromatische abberatie (kleurschifting), doordat de lichtstralen niet door materiaal (lenzen) hoeven te gaan. Er zijn dus geen lenzen die afbreuk kunnen doen aan de beeldkwaliteit. Het aantal onderdelen in de spiegeltelescoop dat invloed heeft op het beeld, is dus minder dan bij een lenzentelescoop. Bij een lenzentelescoop gaat het beeld vaak door twee lenzen (met ieder twee oppervlakken). Als die niet van goede kwaliteit zijn, is het beeld al vier keer minder goed dan bij een spiegeltelescoop.

Goede telescoopspiegels kunnen daarnaast groter en goedkoper gemaakt worden dan lenzen. Dit komt onder andere ook doordat aan glassoorten voor lenzen veel hogere eisen moeten worden gesteld dan aan glas voor spiegels. Een voorbeeld: de grootste refractor heeft een objectiefdiameter van ongeveer een meter, terwijl de grootste spiegeltelescopen 10 meter in diameter zijn en er nog grotere in aanbouw zijn. Tijdens het productieproces laat men de spiegel draaien tijdens het afkoelen. De holle vorm ontstaat al tijdens dit proces, er hoeft dus veel minder weggeslepen te worden dan bij een lens. Ook dit maakt een spiegel goedkoper dan een lens.

Er bestaan een aantal variaties op dit ontwerp, met ieder hun eigen voordelen. Hieronder staan de belangrijkste op een rij.

Newtontelescoop

De Newtontelescoop heeft een paraboloïdische hoofdspiegel met een onder 45° geplaatste vangspiegel die het licht afbuigt naar een opzij van de telescoopbuis geplaatst oculair.

Bij veel spiegeltelescopen zit het oculair aan de zijkant; zij dan dan dus eigenlijk allen Newton-spiegeltelescopen. Een voorbeeld van een Newton-spiegeltelescoop is de Byomic G-Spiegeltelescoop 114/900.

De bekende Haletelescoop in Californië – jarenlang de sterkste telescoop ter wereld – is ook een Newtontelescoop, maar deze kan ook zonder vangspiegel worden gebruikt. In dat geval wordt rond het brandpunt de waarnemerscabine geplaatst. Ook een radiotelescoop en een schotelantenne, evenals veel radarantennes, berusten – zij het bij een veel grotere golflengte – op dit principe; ook hier zit de ontvanger in het brandpunt.

Cassegraintelescoop

De klassieke Cassegraintelescoop heeft een paraboloïdische hoofdspiegel met een centraal gat erin, en een negatieve hyperboloïdische secundaire spiegel die het licht naar het achteraan geplaatste oculair terugkaatst. In verhouding tot zijn effectieve brandpuntsafstand kort van bouw, dankzij de zgn. teleconstructie die met deze negatieve secundaire spiegel wordt gerealiseerd. De Cassegraintelescoop is waarschijnlijk uitgevonden door de Franse priester en fysicus Laurent Cassegrain (ca. 1629-1693).

Een Cassegrain-ontwerp maakt dus een compactere tube mogelijk. Hierdoor ontstaat een telescoop met een sterke vergroting, die toch makkelijk mee te nemen is. Een voorbeeld van zo’n telescoop is de Konus Konusmotor-130.

Catadioptrische telescopen

Veel spiegeltelescopen hebben behalve een spiegel, ook een lens ingebouwd. Deze telescopen noemt men catadioptische telescopen. Hieronder vallen onder meer een Schmidt-corrector en een Maksutovcorrector. De Schmidt-corrector is een lens die sferische abberatie (optische vervorming) tegengaat.

De Maksutovtelescoop bouwt op dit ontwerp voort en heeft een sferische hoofdspiegel met een vrij dikke, diep doorgebogen meniscuslens ervoor.

De Maksutovcorrector is ontwikkeld door Dmitri Maksoetov, omdat de lens voor een Schmidtcorrector moeilijk te fabriceren is. De Maksoetovcorrector is wel sferisch, maar door de sterke kromming en hoge nauwkeurigheidseisen is hij moeilijk zelf te maken. Wordt veelal gebruikt met een secundaire spiegel volgens het Cassegrainontwerp; in dat geval spreekt men wel van een Maksutov-Cassegraintelescoop. Een voorbeeld van een Maksutov-Cassegrain telescoop is de Konus Digimax-130. Deze telescoop heeft dus een secundaire spiegel (Cassegrain-ontwerp), vandaar de korte tube; en een lens om optische fouten te minimaliseren (Maksutov). Vandaar dat dit dus een Maksutov-Cassegraintelescoop is.

Veel Maksutov-Cassegraintelescopen beschikken over een handcomputer. Hiermee kunt u de telescoop gemotoriseerd sturen en hij kan bovendien automatisch naar een voorgeprogrammeerd hemellichaam kijken. Dit maakt het erg makkelijk om snel allerlei hemellichamen te vinden. Dit soort systemen worden wel “GoTo”-telescopen genoemd.